Klaas Dijkhof over een mogelijk vuurwerkverbod

“De druk op de VVD om in te stemmen met een vuurwerkverbod neemt toe”, lees ik overal.

Nou, ik voel me niet zo snel onder druk gezet. Maar natuurlijk ben ik niet doof en blind voor de signalen, na weer een jaarwisseling vol schandalige incidenten. Ik hoor de oproep van de politie, van andere hulpverleners, van burgemeesters, van oogartsen. En ja, ik lees dat steeds meer Nederlanders voorstander zijn van een verbod, ook als jullie me daarover berichten sturen.

Ik snap ook heel goed dat je er klaar mee bent, als je leest over vuurwerk dat naar agenten en naar een rouwstoet wordt gegooid, over spullen die in de fik worden gestoken, over levensgevaarlijke situaties. Ik snap heel goed dat je er klaar mee bent als je je zelf niet meer veilig voelt in je eigen buurt, als je bezorgd bent over je kinderen, je huisdieren, je spullen. Ik voel dat eerlijk gezegd ook. Ik heb zelf nooit veel vuurwerk afgestoken, hoop ook elk jaar dat de katten niet in de stress schieten en dat m’n dochters erdoorheen slapen. Ik snap ook niet waarom mensen honderden euro’s uitgeven om na het aftellen tegelijk met al die anderen het in een half uur de lucht in te schieten.

Je kunt dan als politicus natuurlijk binnen een week na oud en nieuw zeggen: ‘verbieden die hap’ en vervolgens doen alsof je het probleem daarmee oplost. Maar je kunt ook grondig nadenken over de juiste balans. Dat laatste heeft mijn voorkeur.

Want ik snap óók heel goed dat je het gezellig vindt om samen met je vrienden en buren wat vuurwerk af te steken. Dat je het hele jaar uitkijkt naar de enthousiaste gezichten van je kinderen wanneer ze de show zien die hun vuurwerk veroorzaakt. Dat je ook wel snapt dat anderen het minder leuk vinden, maar dat dat één keer per jaar toch moet kunnen. Dat die traditie belangrijk voor je is en niet wil kwijtraken.

Fatsoenlijke vuurwerkliefhebbers ergeren zich ook kapot aan het tuig dat oud & nieuw elk jaar weer verpest, maar dreigen er met een totaalverbod zelf voor gestraft te worden. Terwijl ze niets verkeerd hebben gedaan. Zich afvragen waarom politici hun brave in Nederland gekochte sierpotten willen verbieden terwijl net over de grens veel zwaarder spul gewoon in de winkels ligt. Het is voor mij 15 minuten rijden, dan ben je in België. Daar zegt de vuurwerkhandelaar “Het is hier het hele jaar verkrijgbaar, goedkoper en zwaarder; 40% van wat ik verkoop is in Nederland verboden.” En in december rijden de auto’s met geel kenteken af en aan.

Het meeste vuurwerk gaat de lucht in zonder gericht te zijn op een ander, zonder letsel te veroorzaken en zonder dat het bijdraagt aan een onveilige situatie voor hulpverleners. Een heleboel ellende met oud & nieuw wordt veroorzaakt zonder vuurwerk. Ik geloof wel dat het bijdraagt aan een opgefokt sfeertje, al die knallen, de drank, de drugs, het rare gevoel dat het een andere avond is dan alle andere avonden. Maar uiteindelijk steekt vuurwerk zichzelf niet af en richt het zich zeker niet zelf op een agent.

Dingen verbieden is sowieso op z’n zachtst gezegd niet direct mijn eerste reflex. Als liberaal verbied ik het liefst zo min mogelijk. Alleen als het echt noodzakelijk is, als het echt niet anders kan, wil ik zover gaan. En dan vind ik het bovendien belangrijk dat een verbod ook werkelijk helpt om de agressie en het letsel te verminderen. Ik wil geen verbod om andere redenen. Of beter gezegd: om al die andere redenen is vuurwerk al 364 dagen per jaar verboden en mag het maar gedurende 8 uur per jaar afgestoken worden.

En ook de afgelopen jaren hebben we veel extra maatregelen getroffen om overlast tegen te gaan: de verkoop beperkt, de afsteektijd verkort, het zwaarste vuurwerk verboden, burgemeesters de mogelijkheid gegeven om vuurwerkvrije zones in te stellen of zelfs een vuurwerkverbod in hele wijken of zelfs vrijwel de hele gemeente in te stellen.. Helaas is het kennelijk niet genoeg om alle ellende te voorkomen. De vraag is dan wel of nog meer verbieden gaat werken. En of je het gericht kunt doen zodat er ruimte overblijft voor vuurwerkplezier, maar we de kans op ellende kunnen verkleinen.

Binnen mijn partij wordt er op dit moment stevig over vuurwerk en veiligheid gediscussieerd. Dat heb je met liberalen.‘Verdeeldheid’, wordt dat dan genoemd. Ja, zo kan ik het ook. Ik vind het alleen maar gezond dat onze mensen een mening hebben. Ik zou me pas echt zorgen maken als liberalen hun eigen opvatting voor zich hielden en blind achter de in beton gegoten partijlijn aanliepen.

Onze fractie stopt nooit met nadenken. Wij discussiëren voortdurend, over alles wat belangrijk is voor Nederland. Onze standpunten houden we continu tegen het licht. En nadat we alles hebben afgewogen, nemen we de beslissingen die wij noodzakelijk vinden. Niet eerder. Dat zal nu niet anders zijn.

Klaas Dijkhoff
Fractievoorzitter