· 

Participatie als middel: pragmatisch aanpakken.

De Barneveldse VVD staat voor een pragmatische participatie aanpak, die werkt: inwoners serieus betrekken om draagvlak te vergroten, bezwaren te verminderen en procedures te versnellen.

De fractie heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van Burgemeester en Wethouders over participatie. Dit naar aanleiding van de verschenen evaluatie én het krantenartikel: 'Inspraak is soms voor niets'. 

 

Participatie is een middel: kies voor een pragmatische aanpak

Participatie is belangrijk, maar moet altijd een middel zijn en geen doel op zich. Een pragmatische participatieaanpak richt zich op doelmatigheid, met aandacht voor de stille meerderheid. Een pragmatische aanpak die leidt tot kortere procedures met minder bezwaren. Participatie moet bijdragen aan een robuust proces, maar mag geen onnodige extra ballast worden voor initiatiefnemers of de gemeente.

 

 

Participatie moet zorgen voor minder bezwaren én een sneller proces

Uit de evaluatie blijkt dat participatie momenteel onvoldoende bijdraagt aan het voorkomen van bezwaren en het versnellen van procedures. Dat is onwenselijk, omdat juist deze twee doelen behaald kunnen worden met een pragmatische participatie aanpak.

 

Participatie? Niet meer doen dan wettelijk vereist

De evaluatie laat zien dat de huidige participatieaanpak niet aansluit bij de Omgevingswet. Zo worden er bij initiatiefnemers in spoor 1 eisen gesteld die wettelijk niet gesteld mogen worden. Dat vinden wij een zorgelijke ontwikkeling.

 

Wij pleiten daarom voor een aanpak waarbij niet meer eisen worden gesteld dan strikt noodzakelijk volgens de wet. Extra gemeentelijke regels leiden tot ongewenste effecten. Zoals extra regeldruk, langere doorlooptijden. Daarnaast belemmeren ze gewenste ontwikkelingen, zoals woningbouw. Zeker nu blijkt dat de huidige participatie aanpak niet leiden tot minder bezwaren, is teruggaan naar de wettelijke kaders wat ons betreft verstandige en efficiënte keuze.

 

Vragen.

  1. Is het college het met de Barneveldse VVD eens dat participatie een belangrijk middel is om inwoners te betrekken bij initiatieven en hen te laten meedenken over hun leefomgeving, waarbij participatie niet het doel op zich is maar juist moet bijdragen aan het verminderen van bezwaren en het verkorten en versnellen van procedures, bijvoorbeeld bij woningbouw? Zo niet, waarom niet?
  2. Welke oorzaken ziet het college voor het feit dat participatie nu onvoldoende bijdraagt aan het voorkomen van bezwaren en het versnellen van procedures? 
  3. Welke concrete stappen is het college bereid te zetten om het participatiebeleid effectiever en pragmatischer te maken?
  4. Uit de evaluatie blijkt dat binnen spoor 1 eisen aan initiatiefnemers worden gesteld die wettelijk niet gesteld mogen worden. Wat ons betreft stellen we geen bovenwettelijke eisen. Kan het college toelichten hoe deze situatie heeft kunnen ontstaan?
  5. Is het college het ermee eens dat extra gemeentelijke regels leiden tot het ongewenste effect van meer regeldruk, langere processen en vertraging van ontwikkelingen zoals woningbouw? Zo niet, waarom niet? Zo ja, hoe zorgt het college ervoor dat de participatieaanpak volledig in lijn wordt gebracht met de Omgevingswet, zonder bovenwettelijke eisen?
  6. Is het college bereid de volledige BOPA-lijst te herzien en te kijken waar participatie kan worden vervangen door een informeringsplicht bij kleine bouwactiviteiten, zoals woningsplitsing, uitbouwen, dakkapellen of toevoeging van enkele woningen? Welke stappen wil het college hiervoor zetten?
  7. Welke effecten verwacht het college van het verminderen of schrappen van participatieverplichtingen bij kleine initiatieven, bijvoorbeeld voor doorlooptijden, regeldruk en uitvoeringslast?

Brief.

Download
2025-12-29 Schriftelijke vragen Participatie als middel
20251229 Schriftelijke vragen participat
Adobe Acrobat document 112.2 KB

Antwoorden.

Download
Beantwoording schriftelijke vragen VVD o
Adobe Acrobat document 127.4 KB